Iedereen maakt het wel eens mee: op vaak onverwachte momenten wordt er aan de deur gebeld. “Wie nu weer?”. Herkenbaar, maar in deze tijd ook waakzaam zijn voor wie er voor de deur staat, op de etage of in de hal. Kijkt u eerst via een deurkijkgaatje of via een raam of doet u direct de deur open? Maakt het wat uit of het overdag is of ’s avonds? En met welk verhaal of met welke smoes laat u een onbekend iemand binnen in uw huis?

Vroeger toen ik nog bij de politie werkte, deed ik vaak het volgende bij iemand die de deur voor mij, als politieman, niet open deed (omdat hij/zij ergens van verdacht werd): ik drukte op de deurbel of klopte op de voordeur en riep hard: “De leesmap!” of soms: “De SRV”. En in alle gevallen ging de deur open, ook al had men geen leesmap of kocht men niet iets van de SRV (kleine supermarkt op wielen, dat huis-aan-huis kwam). Ik bedoel er maar mee te zeggen: iedereen kan een smoes verzinnen om uw nieuwsgierigheid te wekken.

Als u alleen woont, of gehandicapt bent, bent u extra kwetsbaar voor dit soort praktijken van babbeltrucs. En toch kan het gebeuren dat u open doet voor iemand die in eerste instantie sympathiek overkomt en zeer beleefd is. Wat nu?

Daarom enkele tips, afkomstig van de politie:

“Doe nooit zomaar open. Wat ze ook verzinnen. Kijk eerst voordat u open doet. Gebruik een kierstandhouder (geplaatst in een goed en deugdelijk kozijn [SjorsLos]). Geef niemand uw bankpas of pincode. Bankpas kwijt of opgelicht? Bankpas direct blokkeren. Vertrouwt u het niet? Bel meteen 1-1-2.”

Sjors Los/Bron: Folder politie ‘Iemand belt aan’/Babbeltrucs