(De Telegraaf, 18 juni 2020, door Arianne Mantel)

Utrecht – Mensen met een beperking profiteren minder van de versoepeling van de coronaregels dan anderen. Zij ervaren uitsluiting en eenzaamheid. „De meer dan twee miljoen mensen met een lichamelijke handicap, verstandelijke beperking of chronische ziekte vormen een vergeten groep”, zegt directeur Illya Soffer van belangenorganisatie Ieder(in). Ze roept op tot actie.

In mei hield de organisatie een enquête onder 2100 deelnemers. „De helft is er de afgelopen maanden lichamelijk op achteruit gegaan, 45% heeft last van eenzaamheid, ruim 40% heeft meer last van stress of psychische klachten. Ze missen het contact met naaste familie en geliefden of hebben zorgen over en angst voor besmetting. Ook het noodgedwongen uitstellen van medische behandelingen en afspraken geeft onrust. Daarnaast werkt het uitblijven van het opstarten van de dagopvang isolerend.”

In mei hield de organisatie een enquête onder 2100 deelnemers. „De helft is er de afgelopen maanden lichamelijk op achteruit gegaan, 45% heeft last van eenzaamheid, ruim 40% heeft meer last van stress of psychische klachten. Ze missen het contact met naaste familie en geliefden of hebben zorgen over en angst voor besmetting. Ook het noodgedwongen uitstellen van medische behandelingen en afspraken geeft onrust. Daarnaast werkt het uitblijven van het opstarten van de dagopvang isolerend.”

Twaalf weken

„Wanneer horen wij dat het voor ons weer veilig is? Ik zit al twaalf weken binnen, ik mis mijn leven”, zegt een respondent. De organisatie peilde de kwaliteit van leven in januari voor de crisis en eind mei. „Aan het begin van het jaar gaf deze groep gemiddeld een 7,4 en 9% een onvoldoende. Eind mei geeft men gemiddeld een 5,8 en geeft 38% een onvoldoende. Bij de groep met een verstandelijke beperking is de achteruitgang zelfs nog iets groter. Dat zijn zorgelijke cijfers”, zegt Soffer.

Veertig procent van de deelnemers aan het onderzoek geeft aan dat anderhalve meter afstand houden voor hen onhaalbaar is. Hierbij gaat het bijvoorbeeld om blinden en slechtzienden of mensen in een rolstoel.

Leven hervatten

Er is ook gevraagd wat mensen nodig hebben om het leven weer op een enigszins redelijke manier te kunnen hervatten. Twee derde wil informatie van de overheid over versoepeling van coronamaatregelen; specifiek afgestemd op mensen met een beperking of chronische ziekte. Verder zegt bijna de helft dat toezicht en handhaving voorwaarden zijn om veilig de openbare ruimte te kunnen gebruiken. Om activiteiten buitenshuis te kunnen hervatten zoals werk, dagbesteding of vrijwilligerswerk, zijn er afspraken nodig over hygiëne op de betreffende locatie, vindt eveneens bijna de helft.

Het RIVM heeft een Covid-strategie uitgewerkt om mensen met een beperking weer terug te kunnen laten keren naar het dagelijks leven. Zo staat beschreven dat noodzakelijke zorg, ondersteuning, onderwijs en dagbesteding weer worden hervat en dat er moet worden geïnvesteerd in maatregelen ter voorkoming van negatieve effecten van de 1,5 meter-samenleving.

Soffer stelt dat de strategie snel moet worden uitgevoerd. „Er zijn speciale voorzieningen of compenserende maatregelen nodig voor diegenen die vanwege hun gezondheidsrisico problemen krijgen om weer terug te keren naar werk, onderwijs en hun sociale leven.”

’Hoelang houd ik dit nog vol?’

Voor de coronacrisis gaf Carla Weller (55) haar kwaliteit van leven een dikke 8, ondanks het feit dat ze een rolstoel gebruikt en een auto-immuunziekte heeft. Ze deed vrijwilligerswerk, ging naar musea of de bioscoop en winkelde graag. Dit altijd met hulp van anderen in en buiten huis. Nu staat haar kwaliteit van leven op een krappe voldoende (5,5) na maanden van thuiszitten en weinig uitzicht op verbetering.

Veertig procent van de deelnemers aan het onderzoek geeft aan dat anderhalve meter afstand houden voor hen onhaalbaar is. Hierbij gaat het bijvoorbeeld om blinden en slechtzienden of mensen in een rolstoel.

Leven hervatten

Er is ook gevraagd wat mensen nodig hebben om het leven weer op een enigszins redelijke manier te kunnen hervatten. Twee derde wil informatie van de overheid over versoepeling van coronamaatregelen; specifiek afgestemd op mensen met een beperking of chronische ziekte. Verder zegt bijna de helft dat toezicht en handhaving voorwaarden zijn om veilig de openbare ruimte te kunnen gebruiken. Om activiteiten buitenshuis te kunnen hervatten zoals werk, dagbesteding of vrijwilligerswerk, zijn er afspraken nodig over hygiëne op de betreffende locatie, vindt eveneens bijna de helft.

Het RIVM heeft een Covid-strategie uitgewerkt om mensen met een beperking weer terug te kunnen laten keren naar het dagelijks leven. Zo staat beschreven dat noodzakelijke zorg, ondersteuning, onderwijs en dagbesteding weer worden hervat en dat er moet worden geïnvesteerd in maatregelen ter voorkoming van negatieve effecten van de 1,5 meter-samenleving.

Soffer stelt dat de strategie snel moet worden uitgevoerd. „Er zijn speciale voorzieningen of compenserende maatregelen nodig voor diegenen die vanwege hun gezondheidsrisico problemen krijgen om weer terug te keren naar werk, onderwijs en hun sociale leven.”

’Hoelang houd ik dit nog vol?’

Voor de coronacrisis gaf Carla Weller (55) haar kwaliteit van leven een dikke 8, ondanks het feit dat ze een rolstoel gebruikt en een auto-immuunziekte heeft. Ze deed vrijwilligerswerk, ging naar musea of de bioscoop en winkelde graag. Dit altijd met hulp van anderen in en buiten huis. Nu staat haar kwaliteit van leven op een krappe voldoende (5,5) na maanden van thuiszitten en weinig uitzicht op verbetering.

Carla Weller: „Voor ons is de 1,5 meter-samenleving buitenshuis niet te doen.”

„De versoepeling van de maatregelen is fijn voor veel Nederlanders, maar er is een grote groep voor wie de omstandigheden hetzelfde blijven als tijdens de lockdown. Mijn man – die ook rolstoelgebruiker is – en ik houden de strengste maatregelen aan omdat we ons geen risico op besmetting kunnen veroorloven. Het zou fijn zijn als medici kunnen vertellen hoe wíj veilig uit de lockdown kunnen komen.

Er is te weinig aandacht voor hoogrisicogroepen. Voor ons is de 1,5 meter-samenleving buitenshuis niet te doen. Ik heb altijd hulp dichterbij nodig. Pas vorige week ben ik voor het eerst naar een afspraak gegaan; een rolstoelpassing. Dat kon gelukkig buiten. Maar hoelang kan ik het zo nog volhouden zonder sociale contacten, werk en de andere dingen die het leven leuk maken?”

Blind in de lockdown

Desirée Leisman (47) is nagenoeg blind. „Ik heb me altijd goed weten te redden. Op straat en in het openbaar vervoer ging het altijd prima met mijn blindengeleidehond. Tot de lockdown had ik een prima leven; ik zou het zeker een 8,5 geven. Maar nu is er een nieuwe samenleving die enorm visueel is ingesteld. Denk jij dat mijn hond die pijlen ziet op de grond voor de looproute? Of dat hij kan inschatten wat anderhalve meter is? Waar in het begin van de uitbraak nog wel het gevoel van saamhorigheid was, merk ik dat helemaal niet meer.

Als ik verkeerd loop in een winkel gaan ze soms aan mijn hond trekken of roepen dat het zo niet moet. Ik heb een stok, een bril en een hond; moet ik een zwaailicht opzetten om duidelijk te maken dat het voor mij niet meer zo gemakkelijk is? Wat ik ook vervelend vind, zijn al die plastic schermen en glazen wanden. Ik hoor niet meer of iemand nu tegen mij praat en het geluid weerkaatst overal heen. Dat ik in de bus nu achterin moet stappen, is voor mij heel naar. Ik weet nooit of de chauffeur mijn hond niet over het hoofd ziet en kan hem niet vragen of het de juiste bus is en of hij mij een seintje geeft als ik eruit moet.”